Voedingssupplementen en kanker

Supplementen en kanker: introductie

Er wordt veel geschreven over supplementen en kanker. Over het algemeen nemen de meeste kankerpatiënten voedingssupplementen. De meest ingenomen supplementen en de redenen van inname zijn:

Supplements

  • Supplementen op basis van kruiden die een kankerbestrijdende werking zouden hebben
  • Antioxidanten die zouden beschermen tegen oxidatieve schade van de cellen
  • Supplementen die het immuunsysteem zouden versterken
  • Supplementen die inflammatie zouden verminderen/voorkomen
  • Supplementen die de werking van conventionele medicatie zouden versterken

Om misverstanden te voorkomen is het uitermate belangrijk om goed het onderscheid te kennen tussen een voedingssupplement en werkelijke geneesmiddelen.

Het verschil tussen geneesmiddelen en supplementen

Geneesmiddelen moeten vervaardigd worden volgens de strikte regels van de ‘Good Manufacturing Practices’ (GMP), of vertaald ‘goede manier van produceren’. Dit houdt in dat ze vervaardigd worden onder strikte supervisie en volledige informatie bevatten omtrent de juiste doseringen. Tevens moeten alle mogelijke bijwerkingen vermeld worden, alsook contra-indicaties en wisselwerkingen met andere medicijnen.

Alle ingrediënten, zowel de oorspronkelijke ingrediënten als de bijproducten tot aan het eindproduct worden uiterst streng gecontroleerd.

Voedingssupplementen anderzijds, worden gecontroleerd door het HACCP (Hazard Analysis and Critical Control Points) systeem, of vrij vertaald gecontroleerd op gevarenanalyse en kritische controlepunten. Dit is een systeem dat gehanteerd wordt in de levensmiddelenindustrie om de voedselveiligheid te garanderen. Het houdt onder meer in dat alle mogelijke bronnen van contaminatie dienen vermeden te worden en dat er toezicht wordt gehouden op toepassing van strikte hygiënische maatregelen tijdens het productieproces. Het grote verschil met het GMP-systeem is dat er in het HACCP-systeem niet gekeken wordt naar het eindproduct (enkel het productieproces). Dit betekent dat de minimum en maximum aanvaardbare hoeveelheden aan actieve ingrediënten in het eindproduct niet worden gecontroleerd en dus ook niet kunnen gegarandeerd worden. Bij geneesmiddelen is dit wel het geval.

Bovendien worden supplementen in het HACCP systeem niet onderworpen aan een zogenaamde stabiliteitstest. Dit betekent dat niet gegarandeerd wordt of het product al dan niet schadelijk is en/of een veranderde werking heeft na overschrijding van de houdbaarheidsdatum, of na het ondergaan van grote temperatuurschommelingen. Bij geneesmiddelen is dit wel het geval.

Dit betekent dus dat voedingssupplementen die van niet betrouwbare leveranciers afkomstig zijn, kunnen gecontamineerd zijn met ziektekiemen, pesticiden, residu’s van zware metalen, toxines, enz… Bovendien kunnen ze zelfs meer, minder of geen van de aangegeven hoeveelheden bevatten, en kunnen zelfs voorgeschreven medicatie bevatten die niet vermeld staat op de verpakking. Deze kwaliteitsproblematiek bij voedingssupplementen kan dus tot schadelijke gevolgen leiden voor patiënten en consumenten, zeker als deze via onbetrouwbare websites worden aangekocht. Een apotheker is verantwoordelijk voor de supplementen die hij verkoopt, maar een consument is louter en alleen zelf verantwoordelijk als hij de supplementen via een website aankoopt.

Bovendien zijn er onvoldoende klinische onderzoeken naar het effect van voedingssupplementen op kanker. Er zijn er wel enkele maar deze zijn sporadisch en onbeduidend. Zonder klinische onderzoeken zijn de claims over voedingssupplementen ongegrond of overdreven.

Op websites valt dikwijls te lezen dat positieve resultaten op verschillende soorten kanker werden bekomen door onderzoek. Meestal wordt niet vermeld dat de testen slechts op kankercellen werden uitgevoerd, en niet op mensen.   In voldoende concentraties zullen de meeste stoffen afzonderlijke kankercellen wel uit de weg ruimen. Het is slechts als klinische testen op mensen worden uitgevoerd dat men de resultaten juist kan interpreteren.

Daarom is het zeer belangrijk alle achtergrond informatie en onderzoek omtrent de werking van een voedingssupplement zelf zoveel mogelijk op te zoeken en te analyseren op betrouwbare bronnen, zoals medische tijdsschriften die schrijven over supplementen en kanker.

Supplementen en kanker: ondervoeding bij kankerpatiënten

Ondervoeding (malnutrition) is een frequent voorkomend probleem is bij kankerpatiënten, tussen 40% en 80% van de gevallen. Kankercellen kunnen het metabolisme veranderen waardoor een grotere behoefte is aan voedingsstoffen, zowel macro- als micronutriënten. Een gelimiteerd dieetpatroon van een kankerpatiënt kan tot eenzijdige voeding leiden. Het is daarom ook begrijpelijk dat de meeste patiënten voedingssupplementen innemen. Ondervoeding kan veroorzaakt worden door bijwerkingen van de behandeling. Dit verhoogt de toxische effecten van de behandeling, vermindert de levenskwaliteit en verkort de levensprognose.

Tumor geassocieerde malabsorptie en een tekort aan micronutriënten (vitaminen, mineralen, enzymen …) is een frequent voorkomend probleem dat niet altijd middels een aangepast voedingspatroon kan verholpen worden. Daarom is het belangrijk om via een bloedanalyse (bij de behandelende arts) een vitaminen-en mineralenstatus te verkrijgen.

Micronutriëntsupplementatie is in dit geval aan te raden. Het is dan ook van belang juist advies in te winnen omtrent het eventueel innemen van voedingssupplementen. Sommige supplementen hebben namelijk een wisselwerking met de behandeling en/of kunnen de werking verminderen (1).

Supplementen en kanker: interactie van supplementen met kankerbehandelingen

Het nemen van antioxidanten lijkt een beschermende werking te hebben op de weefsels en organen van het lichaam omdat ze de weefselcellen beschermen . Het gebruik ervan tijdens kankerbehandeling is echter erg controversieel: zowel radiotherapie als chemotherapie werken grotendeels doordat deze behandelingen zogenaamde ROS aanmaken die dan de kankercellen vernietigen. Antioxidanten kunnen de ROS neutraliseren en aldus de doeltreffendheid van deze behandelingen teniet doen. Er zijn momenteel diverse klinische onderzoeken aan de gang, maar er is nog geen duidelijkheid, aangezien verschillende onderzoeksresultaten elkaar tot nu toe tegen. Sommige studies tonen aan dat antioxidanten bijwerkingen kunnen verminderen en doeltreffendheid van een behandeling kan verhogen, terwijl andere studies aantonen dat er een kortere overlevingskans is bij personen die antioxidanten nemen tijdens radiotherapie.

Hier volgt een (onvolledige) lijst van de meest gebruikte antioxidanten bij kankerpatiënten:

  • Vitamine A,
  • beta-caroteen,
  • lycopeen,
  • luteine
  • Selenium
  • zink
  • Coenzym Q10, glutathion, melatonine, resveratrol
  • Bessen (vnl. blauwbessen, aardbeien, frambozen, gojibessen, enz..)
  • Kurkuma
  • Groene thee

Supplementen en kanker worden soms in verband gebracht met een sterker immuunsysteem. Kankerpatiënten zoeken namelijk vaak naar behandelingen om hun immuunsysteem te versterken om beter te kunnen omgaan met eventuele bijwerkingen van chemotherapie en om de kans op infecties te verkleinen. Immunostimulerende kruiden/planten worden ook vaak door kankerpatiënten aangewend in een poging om hun immuunsysteem aan te sterken en zo de radio- en/of chemotherapie beter te tolereren, en ook in de hoop dat een versterkt immuunstelsel op zich kankerbestrijdend werkt. Toch dient voorzichtigheid geboden te zijn: ook hier is onvoldoende onderzoek en bovendien kunnen sommige kruiden en planten toxisch zijn of interfereren met de werking van de therapie. Controleer zelf altijd goed de kwaliteitsnormen en –eisen van de leveranciers.

De laatste jaren zijn er ook studies uitgevoerd naar de effecten van het gebruik van probiotica bij kankerpatiënten. Probiotica worden vaak aangewezen om diarree tijdens radio- en chemotherapie tegen te gaan. Al deze studies wijzen op een afname van diarree en een betere consistentie van de ontlasting. Wel dient vermeld te worden dat dit kleinschalige studies betrof en dat grootschalige studies echter nog uitsluitsel moeten geven (2).

Wat er ook beweerd wordt, voedingssupplementen zijn niet bedoeld om diagnoses te stellen of aan te vullen, te behandelen, te genezen of de bijwerkingen van het ziektebeeld te verdoezelen. Zij kunnen ziektebeelden niet volledig voorkomen, in tegenstelling tot wat sommige vaccins wel kunnen.

Maar sommige voedingssupplementen kunnen nuttig zijn in het verminderen van het risico op bepaalde aandoeningen. Het is wettelijk ook toegelaten dat dit door de leverancier vermeld wordt en in de gebruiksrichtlijnen wordt aangegeven (3).

Supplementen kunnen ook bijwerkingen veroorzaken

Net zoals geneesmiddelen kunnen voedingssupplementen ook bijwerkingen hebben. Toch is het geen vereiste dat onderzoek wordt gedaan op mensen om de veiligheid van het voedingssupplement in kwestie aan te tonen. Bovendien zijn het overgrote deel van de voedingssupplementen door de patiënten, vrijwillig en op eigen initiatief ingenomen, zonder voorafgaand advies van de behandelende artsen, verplegers of apothekers. Indien correct ingenomen kunnen sommige voedingssupplementen het risico op bepaalde ziekten verminderen, ongemak verminderen of je beter doen voelen en bijdragen aan een betere levenskwaliteit. Het is echter nooit risicovrij, gezien er onvoldoende studies zijn om de veiligheid en wisselwerking met behandelingen en geneesmiddelen te garanderen. Vanuit dit standpunt dient gezegd te worden dat supplementen een risico kunnen inhouden voor patiënten die een kankerbehandeling ondergaan (4).

De Amerikaanse arts Dr. Cassileth geeft het volgende aan: “wij vertellen patiënten die momenteel radio- en/of chemotherapie ondergaan of plannen, geen voedingssupplementen, antioxidanten of kruiden in te nemen. En met name kruiden, omdat deze voornamelijk de werking van de behandeling kunnen verminderen”.

Deze effecten van supplementen zijn dus te wijten aan pharmacokinetische interacties, waarbij biologisch actieve stoffen in de kruiden een invloed hebben op de manier waarop het chemogeneesmiddel wordt geabsorbeerd en gemetaboliseerd. Bekende voorbeelden van kruiden waarvan geweten is dat ze pharmacokinetisch interageren met chemotherapie zijn o.a. St Janskruid, knoflookextract, en Echinacea.

De twee meest riskante gevolgen zijn (5):

  • dat het chemotherapeutisch geneesmiddel in lagere concentraties circuleert in het bloed en dus minder wordt opgenomen wat tot falen van de therapie leidt
  • dat het de afbraak van chemotherapeutica verhinderen wat tot ernstige bijwerkingen kan leiden wegens zo ontstane overdosering.

Vaak geven patiënten niet tijdig aan dat zij voedingssupplementen gebruiken of de intentie hebben dat te doen. Er ontstaat zo een miscommunicatie doordat:

  • de patiënt denkt dat de arts niet geïnteresseerd is of tegen het gebruik van voedingssupplementen gekeerd is
  • de arts voornamelijk oog heeft voor wetenschappelijk onderbouwde studies en evidence based literatuur bij het bepalen van zijn behandeling

Het is opmerkzaam dat de wens op meer controle over gezondheid vooral geassocieerd is met een verhoogd gebruik van voedingssupplementen. Over veranderingen in levensstijl en activiteitsniveau wordt minder gesproken. Waarschijnlijk komt dit door psychosociale factoren zoals het geloof in een bepaalde relatie tussen voeding en ziekte of bezorgdheid over gewichtsveranderingen. Het is mogelijk dat het nemen van voedingssupplementen een manier is om om te gaan met de emotionele gevolgen van kankertherapie eerder dan een strategie om de algehele gezondheidstoestand te verbeteren (6). Patiënten zijn van mening dat natuurlijke producten een middel zijn om aan te sterken, zich beter te voelen en zo hun levenskwaliteit te verhogen (7).

Supplementen en kanker: spreek erover met je arts!

Referenties rond supplementen en kanker:

(1) Ströhle A, Zänker K, Hahn A, Nutrition in oncology: The case of micronutrients (Review). Oncol Rep. 2010 Oct;24(4):815-28.

(2)http://www.anticancerfund.org/sites/default/files/documents/supplements_acf_new_logo.pdf

(3) American Cancer Society – Dietary supplement advertising and promotion

(4) American Cancer Society – Risks and side effects of dietary supplements

(5) National Cancer Institute – Dietary Supplements and Cancer Treatment: A Risky Mixture

(6) Patterson RE, Neuhouser ML, Hedderson MM, et al. Changes in diet, physical activity, and supplement use among adults diagnosed with cancer. J Am Diet Assoc. 2003 Mar;103(3):323-8

(7) Frenkel M, Abrams DI, Ladas EJ, et al. Integrating dietary supplements into cancer care. Integr Cancer Ther. 2013 Sep;12(5):369-84. doi: 10.1177/1534735412473642.

(5). National Cancer Institute – Dietary Supplements and Cancer Treatment: A Risky Mixture

(6) Patterson RE, Neuhouser ML, Hedderson MM, et al. Changes in diet, physical activity, and supplement use among adults diagnosed with cancer. J Am Diet Assoc. 2003 Mar;103(3):323-8.

(7) Frenkel M, Abrams DI, Ladas EJ, et al. Integrating dietary supplements into cancer care. Integr Cancer There. 2013 Sep;12(5):369-84. doi: 10.1177/1534735412473642.

DELEN